Skip to content

De wet van Murphy, solowedstrijd

Vakantie en niet weg, dus tijd om eens doordeweeks te gaan vissen. Alleen, letterlijk alleen, want niemand kon of wilde met mij mee gaan vissen. Omdat ik donderdag misschien met Nick ga vissen in Zoetermeer besloot ik maandag te gaan vissen in de Leidse Vaart. Helaas daar aangekomen bleek de weg afgesloten. Terugrijdend richting Rijnsburg dacht ik dan maar dichtbij huis in het Heen vissen, in de Noordwijkervaart. Dat staat in directe verbinding met de Leidse Vaart, dus daar zal ook wel vis zitten, zo hoopte ik. Uitpakkend bleek ik uit mijn normale routine voor een wedstrijd op zaterdag wat te zijn vergeten. Wel een thermoskan met koffie had ik mee, maar geen beker. Ik heb toen maar koffie gedronken uit een dop van mijn hengel. Je moet toch wat.

Op de plek waar ik zat rust kennelijk een vloek, want er ging nog van alles mis. Op tweede Pinksterdag was ik daar door een hele grote vis het water in getrokken. Nou ja, zo wil ik mij dat graag herinneren. Deze maandag zat ik flink te klooien. Vast in een boom, steeds vast op de bodem, haakje in mijn broek vast en nog meer onnozelheid. De wet van Murphy, vrij vertaald: alles wat fout kan gaan zal fout gaan. Ik neem mij voor daar niet meer te gaan vissen. Het lag aan de plek en niet aan mij.

Van tegen de bodem aan ben ik steeds hoger gaan vissen, maar ik bleef vastlopen. Geen idee wat daar op de bodem lag. Dan maar van 9 meter opschalend naar 11 meter en verder van de kant af gaan vissen. Dat ging beter. Ik ving veel vis.

Ik heb mij laten vertellen dat vissen in scholen zwemmen. De vissen die ik ving waren niet van het voortgezet onderwijs en ook niet van de middelbare school, maar meer van het type basisschool en zelfs enkele van de kleuterschool. Het waren wel hele klassen die ik ving. Alhoewel, veel vissen leken verdacht veel op elkaar. Ik gooide ze steeds terug in het water, want waarom zou ik in mijn eentje een leefnet gebruiken? Ving ik dan later weer dezelfde vis?

Geteld heb ik de vissen niet. Het waren er veel. Tot tien tellen lukt mij aardig, maar daarboven wordt het voor mij lastig. Misschien ook maar eens een tellertje aanschaffen net als Rob? Maar voor wie? Ik kan opschrijven wat ik wil. Ik ving er 50, 75, 100, 200 en niemand die het tegendeel kan bewijzen. Er zaten verderop nog 2 Kattukse broers op karper te vissen. Zij hebben helemaal niks gevangen en ik wel. Deze wedstrijd heb ik glansrijk gewonnen. Van mijzelf.

Comments (0)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back To Top
Zoeken